Wanneer u heeft gekozen voor een nestje, hoopt u natuurlijk op gezonde kittens. Daar kunt u al in een

vroeg stadium het nodige toe bijdragen door de ouderdieren zorgvuldig uit te zoeken.
De ouderdieren moeten in optimale lichamelijke conditie
zijn en vrij van vlooien. Ze mogen niet te dik zijn, maar
te mager is ook niet goed. Wees alert op eventuele erfelijke afwijkingen. Het verdient aanbeveling van tevoren
informatie in te winnen over broers, zusters, ouders en
eventuele nakomelingen van de ouderdieren. Binnen de
rasverenigingen zijn voor dit doel speciale
fokadviescommissies aanwezig. Bij oudere katten is het
normaal dat de nestgrootte kleiner wordt. Wanneer dit
verschijnsel zich al bij jonge dieren voordoet, kan het
gaan om een erfelijke kwestie. Wilt u elk risico uitsluiten,
dan kunt u deze dieren beter niet voor de fok gebruiken.
Gebruik geen ouderdieren met lichamelijke gebreken
zoals slikproblemen, hart- en oogaandoeningen, ernstige
huidproblemen en afwijkingen aan het bewegingsapparaat. Een bloedtest voor de aanwezigheid van enkele
gevaarlijke virusziekten (leukemie en kattenaids) kan
zinvol zijn. Voor raskatten is een dergelijke test bij
sommige verenigingen zelfs verplicht.
Er zijn meer dan 50 erfelijke aandoeningen bij de kat bekend. Enkele voorbeelden van regelmatig
optredende aandoeningen bij de kat waarbij erfelijkheid een rol kan spelen, worden hierna kort
besproken. Onder erfelijke gebreken vallen niet alleen lichamelijke problemen, maar ook
gedragsafwijkingen zoals agressiviteit. Een populaire kater of poes waarmee erg veel wordt gefokt, kan
drager zijn van een onzichtbare erfelijke afwijking. Een voorbeeld hiervan is de hierna beschreven
aandoening amyloidose. Een afwijking kan lange tijd ‘sluimeren’ en pas op oudere leeftijd worden
ontdekt of zelfs pas na een paar generaties aan het licht komen. Op dat moment lopen er echter al veel
nakomelingen rond die ook drager zullen zijn van deze afwijking of er zelf al aan lijden.
Omdat het uiterlijk van katten in het verleden veel belangrijker werd geacht dan hun gezondheid of
http://www.kattenencyclopedie.com/index.php?menuid=29&pageid=119 Go MAY FEB MAR
06
2006 2007 2016
3 captures
👤 ⍰❎
f 🐦
7 May 2006 – 9 Mar 2016 ▾ About this capture
2/5/2021 KattenEncyclopedie – Een must voor de kattenliefhebber !
web.archive.org/web/20070206022859/http://www.kattenencyclopedie.com/index.php?menuid=29&pageid=119 2/5
Rassen
overzicht
Adressen
Tips
Spreekbeurten
Forum
Disclaimer
gedrag, kampen tegenwoordig diverse rassen met diverse afwijkingen. Kies bij voorkeur geen ouderdieren die last hebben van gezondheidsproblemen omdat er in hun bloedlijnen intensief op schoonheidsidealen is gefokt.
Met de oprichting van de Stichting Overleg Platform (OP) van de Nederlandse Cat Fancy, waar nagenoeg
de meeste kattenverenigingen bij zijn aangesloten, is binnen de raskattenwereld een gedegen fokbeleid
ingezet waarmee het optreden van erfelijke aandoeningen bestreden wordt. Om de dieren die drager zijn
van een erfelijke aandoening uit te kunnen sluiten van de fokkerij, maar ook om juist de gezonde dieren
te kunnen inzetten, is een nauwkeurige registratie van de gezondheids- en afstammingsgegevens van
katten absoluut noodzakelijk. Dit laatste gebeurt in de vorm van een stamboom. Registratie van dieren
vindt ook steeds vaker plaats door
middel van het aanbrengen van een elektronische chip onder de huid.
Deze aandoening wordt ook wel ‘losse knieschijf’ genoemd. Een een- of tweezijdig aanwezige patella
luxatie is meestal een erfelijke afwijking. Dat wil zeggen dat de nakomelingen van ouderdieren met
(aanleg voor) patella luxatie een grotere kans hebben om het ook te krijgen. Het probleem wordt vaker
gezien bij de Abessijn, Devon- en Cornisch rex en de Perzische kat. Het kan vaak al op relatiefjonge
leeftijd problemen geven, die zich uiten in moeizaam opstaan en lopen doordat de knieschijf gemakkelijk
losschiet. Katten kunnen getest worden op het al dan niet voorkomen van deze aandoening.
Deze gehoorstoornis is gekoppeld aan de witte vachtkleur en komt met name voor bij witte katten met
blauwe ogen. Niet elke witte kat is echter doof, sommige zijn slechts doof aan een oor. Het is raadzaam
om niet met (deels) dove dieren te fokken. Bovendien vormen ze buitenshuis een groot risico, vooral in
het verkeer. Doofheid verstoort de sociale vorming van het dier.
De meeste witte raskatten moeten verplicht een gehoortest ondergaan voordat er met hen gefokt mag
worden.
Wanneer een van deze gedragsafwijkingen aanwezig is bij een kat die verder een normale jeugd heeft
doorgemaakt en dus goed is gesocialiseerd, speelt erfelijke aanleg hoogstwaarschijnlijk een rol. In dat
geval kan beter niet met het dier gefokt worden.
Bij deze aandoening worden in het hele lichaam, maar vooral in de nier (Abessijn) of de lever (Siamees),
niet-afbreekbare eiwitten afgezet als gevolg van een afwijkende eiwitstofwisseling. Deze eiwitten zullen
de normale lichaamsfuncties op den duur ernstig gaan verstoren. Amyloidose wordt als een erfelijke
ziekte beschouwd. De verschijnselen bestaan uit vermageren, dorre vacht, sloomheid, uitdroging en veel
urineren. De nieren kunnen door de dierenarts als klein en knobbelig worden gevoeld. Omdat meestal
pas op oudere leeftijd verschijnselen gaan optreden (kan varieren tussen de 4 maanden en 6 jaar) is
bestrijding van de ziekte door het uitsluiten van de fokkerij van lijders van de ziekte zeer moeilijk.
Tevens wordt daarbij het risico gelopen dat de erfelijke basis van een populatie te klein gaat worden. Er
wordt momenteel gewerkt aan het ontwikkelen van een betrouwbare test om dragerdieren op te sporen.
Polycysteuze nefIopathie ofwel Polycystic Kidney Disease (PKD) is
een erfelijke nieraandoening die
met name bij de Perzische kat voorkomt. Bij PCN vormen zich in de nier een groot aantal vochtblaasjes
in de afvoerende urinewegen die op latere leeftijd uiteindelijk leiden tot nierbeschadiging en nierfalen. De
cysten kunnen al vanaf een leeftijd van 36 weken worden onderzocht met behulp van echografisch
http://www.kattenencyclopedie.com/index.php?menuid=29&pageid=119 Go MAY FEB MAR
06
2006 2007 2016
3 captures
👤 ⍰❎
f 🐦
7 May 2006 – 9 Mar 2016 ▾ About this capture
2/5/2021 KattenEncyclopedie – Een must voor de kattenliefhebber !
web.archive.org/web/20070206022859/http://www.kattenencyclopedie.com/index.php?menuid=29&pageid=119 3/5
onderzoek, maar het klinisch ziektebeeld bestaande uit chronisch nierfalen treedt pas vele jaren later op.
Soms is slechts een van de nieren sterk veranderd en functioneert de andere nier nog lange tijd in
voldoende mate. De dierenarts kan bij het lichamelijk onderzoek onregelmatige (bobbelige) en vergrote
nieren voelen. Bij fokdieren is het noodzakelijk beide potentiele ouders te laten testen op de afWezigheid
van cysten. Er wordt momenteel gewerkt aan de ontwikkeling van een DNA-test waarmee dragers al
vanaf de geboorte betrouwbaar kunnen worden aangetoond.
Dit zijn glimmende, zwartbruine plekjes die gevormd worden op het hoornvlies van het oog. De aandoening wordt gezien bij de Siamees, colorpoint korthaar, Perzische kat en korthaar rassen en wordt
recessief vererfd. De dieren kunnen hierdoor slechter zien en kunnen pijn vertonen.
Deze aandoening wordt gekenmerkt door een voortschrijdende (progressieve), onomkeerbare
afwijkingen van het netvlies. Het wordt vaker gezien bij de Abessijn en de Siamees en het gevolg is dat
het dier geleidelijk aan blind wordt. Dit begint al op jonge leeftijd (vanaf 12 weken).
Epilepsie (vallende ziekte) en cardiomyopathie (een hartaandoening) komen bij de kat gelukkig niet zo
vaak voor. Het is nog altijd onduidelijk in hoeverre erfelijkheid bij deze aandoeningen een rol speelt,
behalve bij de Maine Coon waar de cardiomyopathie op erfelijke basis optreedt. Veel kittens worden bij
dragers van deze aandoening al doodgeboren, terwijl de dragers zelf op oudere leeftijd plotseling kunnen
overlijden. Voor de zekerheid kan men beter niet fokken met dieren die aan deze aandoeningen lijden.
Een erfelijke afwijking kan aangeboren zijn (bijvoorbeeld doofheid), maar dat hoeft niet. Zo zijn patella
luxatie en PCN wel voor een deel erfelijk bepaald, maar geven ze bij de geboorte nog geen afwijkingen te
zien. Hiertegenover staat dat niet elke aangeboren afwijking erfelijk hoeft te zijn. Wanneer de
moederpoes tijdens de dracht een infectie (met hoge koorts) heeft gehad of behandeld is met bepaalde
medicijnen, kunnen de vruchten in de baarmoeder afwijkingen hebben opgelopen. Deze afwijken zijn een
gevolg van invloeden van buitenaf. Ze hebben dus niets te maken met erfelijke factoren.
De kans op erfelijke afwijkingen of aandoeningen bij kittens wordt groter naarmate er meer
verwantschap bestaat tussen de ouderdieren. In geval van verwantschap tussen de ouders is er sprake
van inteelt.
Inteelt heeft een negatieve klank, maar hoeft niet altijd slecht te zijn. Inteelt kan namelijk ook voor ‘verbeteringen’ in een ras zorgen. Dit wel onder de voorwaarde dat de familieverbanden (en veel familieleden) van de ouderdieren bekend zijn. Dan is het mogelijk om door een matige vorm van inteelt de
betere eigenschappen van een ras te benadrukken. Het negatieve aspect van inteelt heeft vooral te
maken met ‘massaproductie’. Soms wordt een bepaald ras plotseling erg populair. Dit kan tot gevolg
hebben dat er met slechts enkele ouderdieren grote hoeveelheden kittens worden gefokt. Wanneer die
op hun beurt ook weer onderling worden gekruist wordt de onderlinge verwantschap te groot. Dit tekort
aan ‘vers bloed’ brengt eventueel aanwezige verborgen (erfelijke) aandoeningen in versterkte mate naar
voren.
http://www.kattenencyclopedie.com/index.php?menuid=29&pageid=119 Go MAY FEB MAR
06
2006 2007 2016
3 captures
👤 ⍰❎
f 🐦
7 May 2006 – 9 Mar 2016 ▾ About this capture
2/5/2021 KattenEncyclopedie – Een must voor de kattenliefhebber !
web.archive.org/web/20070206022859/http://www.kattenencyclopedie.com/index.php?menuid=29&pageid=119 4/5
Wanneer u er zeker van bent dat beide ouderdieren in
goede conditie zijn, is het moment van de dekking
aangebroken. Ook nu kunt u bijdragen aan een gezond
nest, door het tijdstip van bevruchting met zorg vast te
stellen.
Een poes kan in principe voor de eerste keer gedekt
worden wanneer ze duidelijk krols is. Op dat moment is
de poes fysiologisch volwassen. De leeftijd waarop dit
gebeurt, kan varieren van 4 tot 18 maanden (gemiddeld
9 maanden). Een en ander is afhankelijk van het
lichaamsgewicht en het jaargetijde (eerder bij
toenemende daglengte). De meeste poezen zijn echter
nog onvoldoende uitgegroeid tijdens de eerste krolsheid.
Het kan zinvol zijn de poes dan nog enkele maanden niet
te laten dekken. De poezenpil kan eventueel worden
gegeven aan volwassen poezen (ouder dan een jaar) die
al krols zijn geweest en waarmee, om welke reden dan
ook, op dat moment niet gefokt wordt. Frequent optredende krolsheid kan bij een poes sterke
vermagering of onzindelijkheid maar ook baarmoederontsteking veroorzaken.
Poezen kunnen alleen gedekt worden als ze krols zijn. De krolsheid is van nature seizoengebonden. Dat
wil zeggen dat ze vaker en duidelijker krols zijn in het voorjaar en in de zomer. Bij de meeste huiskatten
treedt weliswaar het hele jaar door krolsheid op, maar over het algemeen toch minder vaak in de herfst
en de winter. Krolsheid dient zich aan met tussenpozen van zo’n twee a drie tot wel zes weken.
De lengte van deze tussenpozen hangt af van het seizoen, het ras en het individuele dier.
Een poes is gemiddeld acht dagen krols en dat gaat beslist niet ongemerkt aan de eigenaar voorbij!
Ze wordt ineens erg aanhankelijk, valt bij het minste of geringste languit op de grond, is rusteloos, heeft
minder eetlust, wil steeds naar buiten en miauwt veelvuldig, wat bovendien gepaard kan gaan met een
hees, ‘kroelend’ geluid. Wanneer de poes op haar achterhand boven de staart wordt aangeraakt, steekt
ze haar achterste omhoog, terwijl de rest van haar lijf plat op de grand blijft liggen. Ze houdt daarbij
haar staart een beetje opzij en maakt trappelende bewegingen met haar achterpootjes. Sommige poezen
vertonen tijdens de krolsheid wat sproeigedrag. Aan de deur en in de tuin verschijnen plotseling
opvallend veel katers die enthousiast hun geurvlaggen uitzetten, bij voorkeur op deuren en ramen.
Een poes is niet altijd monogaam: ze laat zich soms door meerdere katers dekken. Gewoonlijk vindt bij
poezen de eisprong pas plaats na een dekking. Meerdere dekkingen beïnvloeden de eisprong (ovulatie)
positief. Een dekking, respectievelijk zeven dekkingen resulteren niet in een aantal van zeven kittens.
Ongeacht het aantal dekkingen is een gemiddelde nestgrootte van circa vier kittens gebruikelijk.
Wanneer een poes eenmaal kittens heeft en melk produceert, wordt de krolsheid meestal onderdrukt tot
enkele weken na het spenen (afwennen van de moedermelk).
Er zijn echter uitzonderingen op deze regel: sommige poezen worden een week na het werpen alweer
krols. Hoewel de kans op een bevruchting dan wel minder groot is, moet u hier altijd op bedacht zijn als
uw pas bevallen poes de kans heeft om met een niet-gecastreerde kater in contact te komen!
Bij de dekking van een ‘huis-tuinen-keukenpoes’ heeft de eigenaar vaak weinig in de melk te brokkelen:
de poes gaat op sjouw en komt ergens een leuke kater tegen. Bij raskatten wordt de dekking van
tevoren gepland. Er moet immers een afspraak worden gemaakt met de eigenaar van een geschikte dekkater. In deze gevallen is het gebruikelijk dat de poes de kater bezoekt. Ze is daar gemiddeld enkele
dagen tot een week te gast. Het verblijf moet echter ook weer niet te lang duren, omdat dan het verschil
tussen de eerste en de laatste dekking te groot kan worden. Het is aan te raden vooraf de nagels van